Tandheelkunde



De tandheelkunde bij paarden en ponies houdt binnen onze kliniek het volgende in:
1. Gebitsverzorging.
Deze normale gebitsverzorgende activiteiten kunnen variëren van een eenvoudige tot en met een uitgebreidere behandeling.
2. Behandelingen van kaakchirurgische aandoeningen.
Hiertoe behoren o.a. de behandelingen van kaakboezemontstekingen en luchtzakproblemen.

ANATOMIE van het paarden gebit:
door Sander Biesma, Dierenkliniek Emmeloord

De paardentand is samengesteld uit drie bouwstenen, zijnde het email, dentine en cement.Het dentine vormt de belangrijkste component van de paardentand.
Het email of tandglazuur is het hardste bestanddeel van het paardenlichaam. Het is echter vrij breekbaar en vereist de aanwezigheid van een dentine-cement kussen om aan de kauwkrachten te kunnen weerstaan.
De buitenste laag van de paardentand wordt gevormd door zijn derde bouwsteen zijnde het geelachtig gekleurde cement.

De combinatie van deze drie bouwstenen, elk met zijn eigen mechanische eigenschappen, zorgen ervoor dat een paardentand een onregelmatig kauwoppervlak heeft dat zichzelf scherp houdt tijdens het kauwen en vermalen van voedsel. In het inwendige van de tand vinden we de tandholte die gevuld wordt door de pulpa. Dit weefsel is een beetje te vergelijken met de tandwortel bij de mens en staat garant voor de ontwikkeling en voeding van de tand, maar heeft eveneens een beschermende en reparatieve functie.

Het gebit wordt verdeeld in vier delen(kwadranten), te weten links, rechts, boven en onder. Een paard heeft per kwadrant drie snijtanden, drie pre-molaren (valse kiezen) en drie molaren  (ware kiezen). Daarnaast hebben sommige paarden een wolfskiesje boven en hebben hengsten en laat gecastreerde ruinen nog de zogenaamde haaktanden.
De snijtanden
We onderscheiden per kwadrant een binnen, midden en buiten snijtand. De meeste veulens worden geboren met hun binnensnijtanden. Zoniet, dan zullen deze binnen enkele dagen tevoorschijn komen. De midden en buiten snijtanden worden zichtbaar na respectievelijk 4-6 weken en 6-9 maanden. De melksnijtanden zijn witter en schelpvormiger dan hun definitieve opvolgers die eerder een balkvormige structuur aannemen. Bovendien hebben de definitieve snijtanden boven 2 en onder 1 groeve. Het wisselen van de snijtanden gaat van binnen naar buiten op ongeveer de leeftijden 2.5, 3.5 en 4.5 jaar.
De snijtanden moeten het paard in staat stellen plantaardig materiaal vast te grijpen en dit kort bij de grand af te snijden, waarna de lippen, tong en wangen zorgen voor de verplaatsing van het voedsel naar de kiezen. Daarnaast spelen de snijtanden een belangrijke rol in het sociale leefpatroon van het paar (verdediging, grooming).
De haaktanden.
De haaktanden komen uit rond de leeftijd van 4 tot 6 jaren. Deze tanden hebben vooral een sociale functie als afweer of verdedigings wapen. Bij merries treffen we ze heel soms aan in rudimentaire vorm.
Het wolfskiesje
Tot 30% van de paarden vertonen wolfstandjes of rudimentaire P1's in de bovenkaak. Ze bevinden zich meestal juist voor de eerste echte premolaar, hoewel ze ook soms meer naar voren aangetroffen worden. Heel zelden treffen we ze ook aan in de onderkaak. Ze kunnen heel verschillend van vorm en grootte zijn en komen tevoorschijn rond de leeftijd van 6-12 maanden.
Ze worden heel vaak verwijderd om rijtechnische problemen op te lossen of te voorkomen. Hun echte rol binnen de zogenaamde 'afweer op het bit problematiek' is waarschijnlijk minimaal.


De kiezen
De kiezen vormen de belangrijkste elementen van het hele paardengebit. Het zijn heel complexe tandstructuren die onder andere gekenmerkt worden door een sterke plooivorming van het email. Dit levert een heel onregelmatig kauwoppervlak op dat ideaal is om het taaie plantaardige voedsel fijn te malen.
Een veulen wordt meestal geboren met alle premolaren (P2, P3 en P4) aanwezig in de mond. Op de leeftijd van 2.5, 3 en 4 jaar worden ze vervangen door hun definitieve opvolgers en kunnen paarden last hebben van de zogenaamde doppen op de kiezen. De molaren (M1, M2 en M3) komen respectievelijk uit rond de leeftijden van 1, 2 en 3.5 jaar. Dit betekent dus dat het definitieve gebit gevormd zal zijn tussen de leeftijd van 4 en 5 jaar.