Receptplicht

Nieuwsbrief september 2008)


Veel paardenhouders zijn gewend om sommige diergeneesmiddelen, zoals wormmiddelen, zonder recept te kopen bij leveranciers met een afleververgunning. Maar vanaf 1 juli 2008 is er voor bepaalde diergeneesmiddelen een recept van een dierenarts voor nodig.

Hieronder wordt uitgelegd wat dit specifiek betekent voor het verkrijgen van ontwormmiddelen voor uw paard.
Ontwormen:

Wormen kunnen een bedreiging zijn voor uw paard. Nog steeds zien we veel problemen welke te wijten zijn aan het niet of niet goed ontwormen van paarden. Maar tegenwoordig zien we ook steeds vaker problemen bij paarden, die wel goed ontwormd worden maar die toch nog steeds wormen hebben. Deze wormen zijn dan resistent geworden voor bepaalde middelen. Dit zien we meer op bedrijven waar veel en vaak ontwormd wordt.
Egg Reapearance Period(ERP)

Periode tussen ontwormen en het opnieuw verschijnen van wormeieren van het Strongylus type in de mest. Dit is afhankelijk van leeftijd, genetische achtergrond, infectieniveau op het bedrijf en de gebruikte middelen.

Bij jaarlingen is het EPG (aantal eieren per gram mest) het hoogst en is de ERP het kortst. De ERP wordt vaak aangehouden als de periode tussen 'blinde' ontwormingen. Hierbij moet men zich realiseren dat dit dan gebaseerd is op JAARLINGEN onder ZWARE infectiedruk. Meestal zullen bij dergelijke blinde behandelingen de meeste paarden dus ontwormd worden terwijl dit EIGENLIJK NIET NODIG is. Hierdoor wordt  resistentie tegen het gebruikte wormmiddel.

Dit wetende, is het goed om nu een andere weg in te slaan wat betreft het ontwormen van uw paard. En dus zal de dierenarts nu, afhankelijk van de situatie, bij het voorschrijven van ontwormingsmiddelen soms aanvullend (mest)onderzoek willen uitvoeren voordat hij het juiste wormmiddel en de toedieningsfrequentie kan bepalen. Een belangrijke reden hiervoor is de resistentie van sommige wormen tegen bepaalde wormmiddelen. Dit is de laatste jaren helaas toegenomen.

Bestrijding van wormen kan het beste door een combinatie van management strategieën, het onderzoeken van de mest en aan de hand daarvan het wel of niet ontwormen van paarden.

Management strategieën hebben tot doel de infectiedruk verlagen:
•  Niet teveel paarden op een stuk land.
•  Nieuwe paarden ontwormen of mestonderzoek uit laten voeren voordat zij bij de groep gaan.
•  Voor paarden naar een nieuw stuk land gaan, weten wat hun wormstatus is.
•  Indien mogelijk omweiden op 'schone' stukken land. 'Schoon' kan zijn gemaaid, gehooid of beweid door een andere diersoort.
•  Regelmatig mest uit het land verwijderen, minstens 2 keer per week.
•  Regelmatig mestonderzoek laten verrichten. Hiermee wordt gecontroleerd of het ontwormingsschema effectief is en of er resistentie tegen bepaalde ontwormingsmiddelen is opgetreden. Verder zijn er individuele verschillen en kan het zo zijn dat er 1 paard in de groep is die gevoeliger is voor worminfecties dan andere en die misschien meer eieren uitscheidt dan anderen.

Veilig land/ onveilig land:
Land dat extensief beweid wordt (minder dan 1 paard of 2 shetland ponies per ha) blijft veilig.
 
Intensief geweide paarden (meer dan 1 paard of 2 shetland ponies per ha) in het voorjaar (eind maart tot half juni):
1. Land waar vanaf vorige zomer geen paarden hebben gelopen is veilig. Dit geldt ook wanneer er in de herst of winter paarden hebben gelopen die in juli of augustus zijn ontwormd met pyrantel, ivermectine of moxydectine.
2. Land waar in de herfst en winter paarden hebben gelopen die in juli-augustus niet ontwormd zijn is in maart nog verdacht, maar wordt later in het voorjaar veilig omdat de larven afsterven.
3.Wanneer niet ontwormde paarden in het voorjaar op een veilige weide komen, blijft de wei 3-4 weken, maar minstens tot eind mei veilig, daarna is de weide gedurende de hele zomer verdacht.
4. wanneer net ontwormde paarden in het voorjaar op een veilige wei komen, blijft de wei minimaal tot 2-3 weken na het verstrijken van de ERP veilig. Daarna is de wei tot volgend voorjaar verdacht.
 
Intensief geweide paarden in de zomer en herfst (half juni tot december):
1. Een veilige wei waar niet ontwormde paarden op komen blijft gedurende 2-3 weken veilig, daarna wordt hij verdacht.
2. Een veilige wei waar ontwormde paarden op komen, blijft veilig als de paarden steeds opnieuw ontwormd worden zodra het gemiddelde EPG boven de 100 wordt (na het verstrijken van de ERP). Worden paarden dan niet ontwormd, dan wordt de wei 2-3 weken later verdacht en blijft dat tot het voorjaar.
3. Zo lang consequente weidehygiene toegepast wordt door 2 x per week alle mest van de wei te verwijderen, blijft een veilige wei veilig.
 
Intensief geweide paarden in de winter:
1. Maar zeer weinig wormeieren die onder normale omstandigheden tussen oktober en maart op de wei komen ontwikkelen in de winter of daarna tot infectieve larven. Een veilige wei blijft dus veilig en een onveilige wei blijft onveilig.

Hoe wordt onderzoek nu gedaan:
Via mestonderzoek met de zogenaamde McMaster techniek. En om de kosten te besparen werken we bij voorkeur met groepsmonsters per leeftijdscategorie, en wel de volgende:
 
- Veulens; vooral gericht op Parascaris en Strongyloides
 
- Jaarlingen; Belangrijkste groep - kortste ERP
 
- 2 en 3 jarigen; Ook vaak nog met tamelijk korte ERP
 
- Oudere paarden; hoeven vaak nog lang niet ontwormd te worden als dit voor jaarlingen al wel nodig is.
 
Mestmonsters moeten vers genomen worden. De uitslag is het meest betrouwbaar wanneer het op het moment dat het gevallen is opgepakt wordt en daarna luchtdicht verpakt naar ons of een ander laboratorium gebracht wordt.
 
Er kunnen tot 10 dieren per groep gedaan worden waarbij het belangrijk is van elk dier evenveel mest in het mengmonster te doen en de mest zeer goed te mengen. Dit zal op de kliniek gedaan worden, dus de monsters kunnen in aparte zakjes aangeleverd worden.
 
Wanneer mengmonsters positief zijn is het zinvol via heronderzoek van het materiaal na te gaan welke dieren positief en welke negatief zijn. Dieren die steeds negatief blijven hoeven NOOIT ontwormd te worden.

Met deze methode kan je er helaas niet vanuit gaan dat er geen lintwormen aanwezig zullen zijn. Alleen indien je proglottiden ziet op de faeces weet je hoe het ervoor staat.

Je zou hiervoor ook maximaal 1 keer per jaar met praziquantel kunnen ontwormen.

De meest voorkomende wormen bij het paard:

Veulenworm - Strongyloides westeri