Draadwonden
Draadwonden bij het paard
Door Nicole Kerkhoff en Rosa Houben, interne paardendierenartsen.
Nu de dagen langzaam korter worden zullen de meeste paarden binnenkort weer van het land gehaald worden om de herfst- en wintermaanden op stal door te brengen.
Het afgelopen weideseizoen werden er op de kliniek opvallend veel paarden aangeboden met uitgebreide verwondingen aan de benen. Veelal waren deze het gevolg van het verstrikt raken in de afrastering rond de weide. Omdat paarden vluchtdieren zijn, zullen zij zich hevig verzetten wanneer zij vastzitten in een draad. Paarden oefenen hierbij zoveel kracht op het draad uit, dat deze soms zeer diep in het weefsel snijdt.
Deze draadwonden variëren van oppervlakkige sneetjes in de huid tot diepe gekneusde vleeswonden met aantasting van pezen, peesschedes en gewrichten. Draadwonden zien we meestal aan de onderbenen, en juist op deze plaats bevinden zich verscheidene belangrijke structuren dicht onder de huid. Aan de voorzijde van het been bevinden zich de strekpezen, aan de achterzijde de buigpezen. Deze pezen zijn soms gedeeltelijk, soms zelfs volledig doorgesneden door het draad waarin het paard verstrengeld heeft gezeten. Als een pees volledig doorgesneden is, is dat meestal duidelijk te zien aan de typische beenstand van het gewonde paard. Hoewel dit er zeer verontrustend uit kan zien, hoeft de prognose niet altijd dramatisch te zijn. Zo heeft schade aan de strekpezen in het algemeen minder ernstige gevolgen dan schade aan de buigpezen. Dit komt doordat de buigpezen continue onder spanning staan terwijl het paard zijn been belast. De strekpezen daarentegen komen alleen in actie op het moment dat het paard zijn been actief naar voren brengt en dus niet tijdens de belastingsfase.

Figuur 1 en 2: Een snijdende draad kan vele belangrijke structuren aantasten, zoals pezen, peesschedes en gewrichten. Deze wonden kunnen variëren van oppervlakkige huidwondjes tot diepe verontreinigde wonden.
Draadwonden zijn eigenlijk altijd verontreinigde wonden. Wanneer een afgesloten ruimte, zoals bijvoorbeeld een gewricht, geïnfecteerd raakt door vuil uit de omgeving kan dat desastreuze gevolgen hebben. Maar ook wonden waarbij geen pees of gewricht betrokken is, kunnen nare consequenties hebben. Wanneer het botvlies geraakt wordt, kan er een ontsteking optreden waardoor beenweefsel zelfs kan afsterven en er botsplinters, zogenaamde sekwesters, ontstaan. Zo’n sekwester kan er de oorzaak van zijn dat een wond die aanvankelijk goed lijkt te genezen, toch lang blijft opspelen.
Dit komt doordat er vanuit de diepte een ontsteking in stand gehouden wordt. Deze botsplinters moeten verwijderd worden om de wond tot rust te laten komen.
Wat te doen bij een draadwond?
Mocht u uw paard aantreffen met een verwonding, raak dan vooral niet in paniek. Probeer uw paard gerust te stellen, om erger te voorkomen. Omdat, zoals eerder vermeld, in de benen veel belangrijke structuren dicht onder de huid liggen, kunnen ogenschijnlijk onschuldige wondjes vervelende gevolgen hebben. Het is derhalve zaak om uw dierenarts te raadplegen om de ernst van de situatie in te schatten. Spoel indien mogelijk de wond af met schoon leidingwater en breng zelf geen zalven of sprays aan op de wond tot er overlegd is met een dierenarts. De wond zelf dient nauwkeurig geïnventariseerd te worden, om te kunnen beoordelen welke structuren mogelijk betrokken zijn bij het letsel. Controleer ook altijd wanneer uw paard voor het laatst gevaccineerd is tegen tetanus. Indien er twijfel bestaat over de bescherming van uw paard tegen tetanus, dan kan uw dierenarts alsnog een injectie toedienen met specifieke antistoffen hiertegen.
Indien nodig zal uw dierenarts u doorverwijzen naar een kliniek. Hier kan men bijvoorbeeld röntgenfoto’s maken wanneer er een vermoeden bestaat dat er botletsel is, of een gewricht / peesschede aanprikken om te onderzoeken of deze geïnfecteerd zijn geraakt. Indien nodig kan uw paard vervolgens direct geopereerd worden.
In andere gevallen kan het nader onderzoek op de kliniek uitwijzen dat de schade meevalt en dat U uw paard al weer vlot mee naar huis kunt nemen. Wanneer de wond wel uitgebreide behandeling behoeft, bestaat deze in veel gevallen uit het reinigen van de wond, scheren van de wondranden en het verwijderen van overtollig weefsel dat de wondgenezing vertraagt. Vervolgens zal besloten worden of de wond wel of niet gehecht kan worden. Dit hangt af van hoe oud en hoe vuil de wond is, de spanning die op de wondranden staat en ook hoe beweeglijk het gebied is waarin de wond zich bevindt.
Figuur 3: Wonden dienen nauwkeurig onderzocht en geïnventariseerd te worden. Vervolgens zal het been geschoren en gereinigd worden.De wondranden worden opgefrist. Indien mogelijk zal de wond gehecht worden.
Wanneer een wond niet gehecht kan worden, zal deze vanuit de wondranden dicht moeten groeien. Dit kost natuurlijk meer tijd, en daarom zal de wond bij voorkeur wel gehecht worden. In ieder geval zal het paard ook medicatie krijgen: antibiotica, ontstekingsremmers en pijnstilling. In de meeste gevallen zal het been in een stevig steunverband ingepakt worden om beweging in het wondgebied zoveel mogelijk te beperken.
Voorkomen
Voorkomen blijft natuurlijk altijd beter dan genezen. Een veilige wei is natuurlijk het voornaamste. Omheiningen zijn er in alle soorten en maten, waarbij sommige vaker tot ongelukken leiden dan andere. Prikkeldraad wordt gelukkig steeds minder gebruikt, maar ook schrikdraad, dat vaak gemaakt is van glad nylon met dun ijzerdraad, is een veelvoorkomende boosdoener. De veiligste oplossing is een houten of kunststof afrastering, waarbij aan de binnenzijde een stroomdraad is gespannen. Dit is uiteraard lang niet altijd haalbaar. Zorg bij het gebruik van stroomdraad dat deze in ieder geval bestaat uit een breed lint, dat duidelijk zichtbaar is. Zorg er verder voor dat er nergens losse draden hangen of liggen.
Dagelijks toezicht en correct handelen wanneer er zich calamiteiten voordoen zijn zaken die voor iedere paardenhouder vanzelfsprekend zouden moeten zijn.
Figuur 4: Een veilige omheining is de eerste stap in het voorkomen van draadwonden bij paarden.